DRIEMAAL IS SCHEEPSRECHT ...de derde generatie doet haar intrede.
De VW-bussen van de 2e generatie hadden zich trouwe werkpaarden getoond en waren aanzienlijk beter dan hun voorganger, maar er kwam een tijd dat ook dit model verouderd raakte
Deze dag viel in mei 1979 toen Volkswagen de geheel herziene 3e generatie Bussen lanceerde: de T3-reeks.
De T3-modellen (ook bekend als Type 25) waren radicaal anders dan hun voorgangers.
Er waren bijna geen rondingen in het koetswerk te ontwaren en onderhuids was de torsievering vervangen door moderne spiraalveren met triangeldraagarmen (voor) en schommelassen (achter). Er waren maar enkele onderdelen van de eerdere modellen overgenomen. De nieuwe VW Bus was ondanks zijn hoekige uiterlijk aanzienlijk aŽrodynamischer dan de twee eerdere generaties.
De oudere modellen kwamen voort uit de fantasierijke geest van mensen - de nieuwe uitvoering doorstond langdurige proeven in een windtunnel.
De T3 was aŽrodynamischer dan vele personenwagens uit die tijd!
De nieuwe VW Bus was echter nog altijd niet zuinig te noemen - hij was zwaarder dan zijn voorganger en werd aangedreven door feitelijk dezelfde motor
De wagen was breder (ca. 12 cm) en langer (ca. 7 cm ), maar de hoogte bleef ongewijzigd. De voorruit was 21% groter, evenals de schuifdeur.
Door de vloer boven de motorruimte met 15 cm te verlagen kon de achterklep worden vergroot waardoor het aanzienlijk eenvoudiger werd om an de achterzijde te laden en te lossen.
De vloer van de motorruimte kon worden verlaagt omdat de oude 'rechtopstaande' motoren van de eerdere modellen werden vervangen door de nieuwe 1,6 liter-motor met hydraulische klepstoters en een koelsysteem dat veel gelijkenis vertoonde met dat van de 2 literuitvoering.
De herontworpen vering was een openbaring, zelfs voor puristen die er lange tijd over deden de torsieveren te vergeten.
Door rondom gebruik te maken van spiraalveren werd het comfort en rijgedrag aanzienlijk verbeterd en kon de laadruimte worden vergroot.
Tandheugelbesturing was een andere grotevooruitgang; het stuurhuis van de oudere modellen voelde altijd 'onzeker' aan, zelfs bij de nagelnieuwe wagens.
In 1980 ging Volkswagen een stapje verder door te kiezen voor een watergekoelde 1,9 liter-benzinemotor.
In juli 1985 werd de cilinderinhoud vergroot naar 2,1 liter en overgestapt op benzine-inspuiting.
Door de watergekoelde motoren te combineren met een nieuwe 5-versnellingsbak werden de prestaties van de VW Bus (inclusief de in augustus van dat jaar gelanceerde vierwielaangedreven Syncro) aanzienlijk verbeterd.
De derde generatie VW Bus, nog altijd conform de hoge kwaliteitseisen te Hannover gebouwd, was vanaf het begin een enorm succes.
Door de meer conventionele vormgeving werd de afzetmarkt verruimd en zelfs de meest toegewijde volgelingen van de 'oude school' moesten erkennen dat ze hier te maken hadden met een bijzonder goede auto.
Zij kregen dan niet het vriendelijke uiterlijk van het 'Spijltje' of de afgeronde lijnen van de tweede generatie, maar het hart zat nog altijd op de juiste plek (achterin, de achterwielen aandrijvend!)